|
Doch,
de bevolking van Antwerpen versmachtte binnen de
oude vesten, zodat men dacht door een nieuwe
krijgsvesting te bouwen, een stadsuitbreiding te
verwezenlijken, die de moeilijkste zou bevredigen.
Tussen 1854 en 1859 zou zich hierover de discussie
afspelen. Men zou echter de oude stadswal niet
afbreken, doch de verdedigingslinie vooruitschuiven.
Er werden verschillende tracés voorgesteld. Maar de
Antwerpse bevolking die zich bedreigd voelde door de
vijandige Waalse regering voerde reeds lang strijd
tegen het staatsbestuur. In 1861 werd de "Commissie
der Krijgsdienstbaarheden" opgericht, die gekant was
tegen de bouw van de vestingen. In 1862 zouden de
Antwerpenaren alle geloofsgeschillen aan de kant
zetten en een verbond sluiten, tot verzet en
verweer. Uit de coalitie tussen deze Commissie, de
Katholieke Conservatieve Kiesverenigingen en de
Nederduitse Bond zou de beruchte en glorievolle
Meetingpartij ontstaan. Men zou rekening moeten
houden met het feit dat in Antwerpen het bijvoeglijk
naamwoord 'moeilijk' niet drie maar vier trappen van
vergelijking heeft nl.: moeilijk, moeilijker,
moeilijkst, Antwerps! Vestingbouwer Brialmont dacht in 1898 waarschijnlijk aan de
Antwerpenaren dacht toen hij in een brief schreef
"... bij ons wint de gemeentegeest het altijd van de
vaderlandse." Uiteindelijk besliste minister Chazal
in het voordeel van het definitieve ontwerp van zijn
kabinetssecretaris Brialmont. Zo werd bij wet
beslist tot het afbreken van de 'Spaanse vesten', de
bouw van een nieuwe kringvesting en de
vooruitgeschoven vestinggordel. Een krediet van
1.239.500 € (zo'n slordige 50 miljoen Bef.) werd ter
beschikking gesteld en met de uitvoering direct
begonnen. Er werd een uitvoeringstermijn van vier
jaar voorzien en men moest overal tegelijk beginnen.
Men raamde de grondwerken op 13 miljoen kubieke
meter en het metselwerk op 1 miljoen kubieke meter.
Bij openbare aanbesteding werd het werk gegund aan
de "Compagnie des Matériels de Chemin de Fer", tegen
de prijs van 48.926.00 goudfrank waarvan 10.000.000
te betalen door de Stad Antwerpen. Dat was 1.660.000
goudfrank meer dan de raming van de Genie. Ingenieur
Du Pré kreeg de burgerlijke technische leiding
waarbij hij werd bijgestaan door de architecten
François en Felix Pauwels. Het is deze Felix Pauwels
die de monumentale stadspoorten tekende. De
militaire leiding berustte bij Chacet, de Kolonel
van de Genie. Gemiddeld waren er 13 à 14.000 mensen
aan het werk waarvan de helft militairen. Er moest
gewerkt worden van 5.00 uur 's morgens tot 19.00 uur
's avonds, met twee onderbrekingen van een half uur
en een middagpauze van één uur. De grondwerkers
verdienden tussen de 2 en de 2,5 Bef per dag en de
metselaars tussen de 4 en de 4,5 Bef. per dag. De
arbeiders sliepen 's nachts in strohutten in ploegen
van 15 tot 20 man. |